
Waarom ruimte ook in het lichaam thuishoort
Als osteopaat en craniosacraal therapeut leg ik dagelijks mijn handen op lichamen die vastzitten.
Vaak zit de oorzaak niet in het lichaam zelf, maar in wat het lichaam nooit krijgt: ruimte om bij te komen. Spanning krijgt geen kans om los te laten. Het lichaam blijft maar doorgaan. Er wordt niets doorvoeld, niets verwerkt — omdat daar simpelweg geen tijd of ruimte voor is. Zo ontstond mijn kijk op essentisme.
Vorm heeft ruimte nodig om te kunnen functioneren.
Dat patroon herken ik ook buiten mijn praktijk.
Ik ben altijd iemand geweest die houdt van orde. Een opgeruimde kast. Een planning die klopt. Een kamer waar je rustig kan ademen. Niet omdat alles perfect moet zijn, maar omdat ik merk hoeveel rust er ontstaat wanneer niet alles om aandacht vraagt.
Op een dag zag ik dat die twee werelden — het lichaam en de ruimte om me heen — eigenlijk hetzelfde verhaal vertellen.
Een lichaam dat vastzit. Een huis dat te vol staat. Een agenda die overloopt. Het zijn andere vormen, maar ze wijzen naar hetzelfde idee: ruimte is geen bijzaak. Ruimte is een voorwaarde om goed te kunnen functioneren.
Waarom we die ruimte telkens opnieuw verliezen
We kiezen zelden bewust voor te veel. De ruis sluipt binnen, geleidelijk, tot er weinig ruimte overblijft.
En net wanneer er wél ruimte ontstaat, komt er soms iets naar boven: onrust, verveling, een gedachte waar we liever niet bij stilstaan.
Dus vullen we die ruimte opnieuw. Een afspraak. Een aankoop. Een scherm. Nog iets op de to-dolijst. Afleiding. Verdoving.
We vullen niet altijd weg omdat iets nodig is. Soms vullen we weg omdat leegte ongemakkelijk voelt.
Waar mijn werk en mijn fascinatie samenkomen
Essentisme gaat over de keuze om ruimte te laten — en van daaruit te ontdekken wat essentieel is en wat er werkelijk toe doet.
Dat is precies waar mijn werk en mijn fascinatie voor ruimte elkaar raken.
Want wat gebeurt er wanneer je niet voortdurend probeert iets toe te voegen, maar ook leert voelen wat er mag verdwijnen, vertragen, of gewoon leeg mag blijven?
In je huis.
In je agenda.
In je aandacht.
En uiteindelijk ook in jezelf.
